| Auteur: Willy van Berlo | Functie: Programmacoordinator Seksuele Grensoverschrijding

Blog: We moeten jongeren wapenen tegen seksueel geweld

‘40 procent van de meisjes en jonge vrouwen heeft ongewild seks gehad’, koppen de media eind juli. Daarnaast kwamen afgelopen zomer een aantal ernstige seksueel-geweldkwesties in het nieuws: de zaak van het meisje Kimberley in Valkenburg en de kelderboxaffaire in Schiedam. Hoe groot is het probleem van seksueel geweld onder jongeren en hoe kunnen we dit aanpakken?

Door het hanteren van verschillende definities en vraagstellingen worden soms hogere, soms lagere cijfers gepubliceerd van seksueel geweld en seksuele grensoverschrijding. Onder ‘ongewilde seks’ kun je bijvoorbeeld ook aanraken en tongzoenen tegen de wil scharen. Als je deze brede definitie hanteert, heeft 40 procent van de meisjes tussen de 12 en 25 jaar ooit een vorm van seks tegen de wil meegemaakt. Met specifiekere definities blijkt dat 17% van de meisjes en 5% van de jongens tussen de 12 en 25 jaar weleens is gedwongen om seksuele dingen te doen die ze niet wilden. 7% van de meisjes en bijna 2% van de jongens heeft weleens geslachtsgemeenschap gehad tegen hun wil. Deze cijfers zijn niet nieuw. Onderzoek van Rutgers, kenniscentrum seksualiteit, laat al zo’n jaar of tien dezelfde resultaten zien. De zedenzaken in Valkenburg en Schiedam zijn uitzonderlijk.

Veel seksuele grensoverschrijding vindt plaats tussen seksueel actieve jongeren en binnen relaties, door onduidelijke communicatie, onuitgesproken verwachtingen en geen benul hebben van het concept ‘toestemming’. Toestemming krijgen betekent niet net zo lang doorgaan tot de ander tegenstribbelt, maar een expliciet ‘ja’. Meisjes zeggen nog te vaak geen ‘nee’ terwijl ze eigenlijk niet willen of niet zo ver willen gaan, of denken dat na een a ook een b moet volgen. Jongens herkennen signalen niet, interpreteren gedrag van meisjes als een uitnodiging, of denken dat voor seks hebben met iemand die dronken is geen toestemming nodig is.

Tegen fysiek geweld begin je misschien niet zoveel. Maar er is veel winst te behalen door jongens en meiden kennis en vaardigheden bij te brengen. Scholen hebben de opdracht om aandacht te besteden aan seksualiteit, maar zijn vrij om hier zelf invulling aan te geven. Nederlandse jongeren zijn over het algemeen goed geïnformeerd over het voorkomen van zwangerschap en soa’s, maar voorlichting over de relationele aspecten van seksualiteit schiet er nogal eens bij in. Respectvolle omgang, weerbaarheid, communicatie en plezier voor twee zijn essentiële zaken om in de klas te behandelen. Rutgers spreekt daarom niet van seksuele voorlichting, maar van seksuele en relationele vorming.

Praten met jongeren over relaties en seksualiteit wordt des te belangrijker omdat onze jongeren met nieuwe vormen van grensoverschrijding te maken krijgen, zoals het verspreiden van seksueel getinte foto’s op internet (sexting), maar ook webcamseks en grooming, waarbij mannen zich op internet jonger voordoen en zo kinderen voor zich proberen te winnen. Een ander voorbeeld waar de jongeren van tegenwoordig doelbewust of per ongeluk mee in aanraking komen, is online porno: driekwart van de jongens kijkt daarnaar. Porno is geen voorbeeld van prettige, gelijkwaardige en liefdevolle seks.

Dat jongeren uit porno een verwrongen beeld van seksualiteit kunnen krijgen, werd afgelopen maand pijnlijk duidelijk in de documentaire Sex in Class op het Britse Channel 4. Goedele Liekens geeft daarin lessen over seksualiteit op een middelbare school. De Engelse jongens blijken te denken dat je in het gezicht van het meisje hoort klaar te komen. En een ongeschoren vulva vinden ze onacceptabel; ze zouden het om die reden uitmaken met een meisje. De meisjes blijven in de documentaire angstvallig stil. Uit ons onderzoek Seks onder je 25e weten we dat 33% van de Nederlandse jongens en 15% van de meisjes porno leerzaam vindt. Reden om ook porno bespreekbaar te maken met jongeren.

Het heeft geen zin om jongeren te verbieden om te experimenteren met relaties en seks; het hoort bij hun ontwikkeling. Om jongeren te wapenen tegen seksuele grensoverschrijding, is met ze in gesprek gaan de enige manier. Praten over normen en waarden, (respect voor) voor diversiteit, over instemming en vrijwilligheid, en hoe je seks veilig en prettig maakt. Hierdoor leren jongeren nadenken over hun eigen normen en waarden, wensen en grenzen, en leren ze hoe ze die kunnen aangeven. Praten over seks maakt van jongeren geen losbollen. Sterker nog: jongeren aan hun lot overlaten maakt juist dat ze risico’s lopen. Jongeren hebben begeleiding nodig bij het experimenteren met seksualiteit in een wereld die steeds complexer en digitaler wordt.
 

Dit artikel verscheen ook als opinieartikel in Het Parool van 18 september 2015

Willy van Berlo Programmacoordinator Seksuele Grensoverschrijding

Reacties

Scroll
naar beneden