Waarom Week van de Liefde?

De Week van de Liefde is een leuke, laagdrempelige manier en een goed begin om schoolbreed aandacht te geven aan relationele en seksuele vorming. U ervaart hoe leerlingen op de lessen reageren en merkt hoe zinvol het is om hier les over te geven. Uiteindelijk is het belangrijk en effectief om structureel aandacht te geven aan dit thema. Lees hier redenen waarom u mee zou doen aan deze Week.

Waarom lessen seksuele vorming?

Met deze lessen werkt u aan de kennis, houding en vaardigheden van leerlingen op het gebied van relaties en seksualiteit. Ze leren over hun eigen lichaam, relatievorming, seksuele en gender-diversiteit, (online) seksueel gedrag, veilige seks en wensen & grenzen. Ze worden zich bewust van verschillen in normen en waarden rondom seksualiteit, leren kritisch nadenken en bewuste keuzes te maken. Dit leidt tot seksueel gezonde jongeren, die:

  • meer kennis hebben over relaties en seksualiteit;
  • beter voorbereid zijn op seks en het moment waarop zij bepalen wanneer zij seksueel actief willen worden;
  • eerder vragen durven te stellen over seksualiteit;
  • respectvol met elkaar omgaan;
  • zich beschermen tegen soa of onbedoelde zwangerschap.

Week van de Liefde

Deze jaarlijks terugkerende week helpt scholen seksuele en relationele vorming op de agenda te zetten! Tijdens de Week kunt u het onderwerp binnen de school bespreekbaar maken, leerlingen en leraren enthousiast maken en ervaren wat de lessen opbrengen.  

Veel leerlingen hebben problemen, maar wisten niet wat ze moesten doen. We merken nu dat ze eerder vragen durven te stellen, zodat we hen kunnen helpen.

De Week van de Liefde motiveert scholen om complete seksuele vorming structureel in te bedden in het curriculum van de school. Scholen zijn sinds 2012 verplicht om hier aandacht aan te besteden. De thema’s seksualiteit en seksuele diversiteit zijn destijds expliciet opgenomen in de kerndoelen voor het voortgezet (speciaal) onderwijs (onderbouw). 

Wat vinden jongeren van seksuele vorming? 

Leerlingen zijn niet tevreden over de seksuele vorming op school. Dat blijkt uit het onderzoek Seks onder je 25e (Rutgers en Soa Aids Nederland, 2017). Ze geven lessen seksuele vorming op school een 5,8. Hoe dat kan? In 2016 concludeert de Inspectie van Onderwijs dat op veel scholen seksuele vorming weinig doelgericht en leraar afhankelijk is en bovendien niet geborgd in een doorlopende leerlijn.

Ook blijken lang niet alle onderwerpen van complete seksuele vorming aan bod te komen. Jongeren krijgen vooral informatie over voortplanting, anticonceptie en soa (de Graaf, e.a., 2017). Ze missen informatie over prettige en gewenste seks (hoe je online en offline in een relatie of tijdens seks met elkaar omgaat, plezier, wensen en grenzen), seks in de media (sexting, onrealistische verwachtingen door porno) en seksuele en genderdiversiteit (Cense, de Grauw, Vermeulen, 2019; de Graaf e.a., 2017).

Ook in de (bredere) sociale omgeving krijgen jongeren weinig betrouwbare informatie en tegenwicht over juist deze onderwerpen van complete seksuele vorming. Lees wat jongeren voor seksuele vorming willen. 

Welke competenties zijn belangrijk voor leraren? 

In dit overzicht staan verschillende competenties voor docenten in het voortgezet onderwijs beschreven. Uit recent onderzoek onder jongeren, weten we dat zij het vooral belangrijk vinden dat docenten:

  • zelf makkelijk over seksualiteit kunnen praten;
  • leerlingen stimuleren hun eigen oordeel te vormen;
  • leerlingen en seksuele vorming serieus nemen;
  • vertrouwen: dat je als leerling bij een docent terecht kunt als je ergens mee zit.

Meer informatie

Scroll
naar beneden